Voor de eerste klas gelden geen bevorderingsnormen; er zijn ook geen eindcijfers. Wel wordt na de tussenbalans in het derdekwartaal een advies uitgebracht over de doorstroming naar Brugklas 2. Als een leerling op het derde rapport 2 of meer tekorten heeft, dan overlegt de lerarenvergadering of een advies om door te stromen misschien herzien moet worden.
Voor Havo 4 en Atheneum 4 en 5 worden de bevorderingsnormen ook vermeld in het spoorboekje. Voor de examenklassen gelden de landelijke examennormen. Deze staan vermeld in de PTA’s voor de betreffende afdelingsleerjaren.
Vaste normen
Voor bevordering en afwijzing worden vaste normen gehanteerd. Het uitgangspunt is, dat alle leerlingen uit een afdelingsleerjaar volgens dezelfde maatstaven worden beoordeeld. Van deze normen kan in zeer bijzondere gevallen worden afgeweken.
Bespreekgevallen:
- Leerlingen, die in bijzondere omstandigheden verkeerd hebben (bijvoorbeeld door langdurige ziekte, moeilijkheden thuis, enz.).
- Leerlingen, die in één vak tekorten hebben, en volgens de normen niet bevorderd zijn.
- Leerlingen, die door één of meer leraren ter bespreking worden voorgedragen.
Toelichting bij de bevorderingstabellen
- Rapportgegevens (zie tabel hieronder)
Voor bevordering of afwijzing zijn twee gegevens van belang: het aantal punten, dat in totaal op het eindrapport gescoord is (score) én het aantal en de zwaarte van de onvoldoendes (aantal tekorten) .
- Vakken ‘voor en achter de streep’
De vakken worden onderscheiden in twee categorieën, grofweg de leervakken en de doevakken.
Achter de streep staan:
- In Brugklas 2: muziek, tekenen, handvaardigheid, Onderzoeken & Ontwerpen en lichamelijke opvoeding.
- In Mavo 3: lichamelijke opvoeding.
- In Havo 3 en Atheneum 3: muziek, tekenen, handvaardigheid, Onderzoeken & Ontwerpen en lichamelijke opvoeding.
Vóór de streep staan alle andere vakken. In de kolom ‘vakken’ staan twee getallen met een ‘/’, een ‘streep’ ertussen. Het eerste getal is het aantal vakken voor de streep, het tweede is het totale aantal vakken.
Voorbeeld: 7/11 betekent 7 vakken voor de streep, 11 in totaal.
- Uitgangsscore De score is het totale aantal punten, dat gehaald is. De uitgangsscore is: voor alle vakken een 6. In deze kolom staat eerst het aantal vakken voor de streep x 6, en dan het totale aantal vakken x 6.
Voorbeeld: 7 x 6 en 11 x 6 ofwel 42/66
- Aantal tekorten Het aantal én de zwaarte van de onvoldoenden voor alle vakken tezamen wordt uitgedrukt in het aantal tekorten. Hierbij wordt gerekend: een 5 voor 1 tekort; bij vakken waarin gerapporteerd wordt in O, V of G geldt:
- Een O telt als 1 tekort;
- Een 4 voor 2 tekorten;
- Een 3 voor 3 tekorten;
- Een 2 voor 4 tekorten;
- Een 1 voor 5 tekorten.
- Het aflezen van de uitslag uit de tabel
Eerst wordt het aantal tekorten geteld.
- Als het aantal tekorten groter is, dan in de tabel voorkomt, is de leerling afgewezen.
- Indien het aantal tekorten in de tabel voorkomt, wordt de score berekend. Rechts in de tabel staat de minimumscore. Een leerling is bevorderd als de score hoger is, dan in de tabel voorkomt. Als de score lager is, dan in de tabel voorkomt, is hij afgewezen.
- Voor de gevallen waarin én het aantal tekorten én de score in de tabel vallen, kan de uitslag worden afgelezen. Hierbij geldt dat de leerling minimaal de score moet hebben, om voor de gelezen uitslag in aanmerking te komen.
Doubleren
Een leerling mag één afdelingsleerjaar maar één keer overdoen. Een leerling mag in twee opeenvolgende afdelingsleerjaren maar één keer doubleren.
Ontbreken van rapportcijfers
Een leerling, die zich aan een beoordeling heeft onttrokken en daardoor geen rapportcijfer heeft, kan niet bevorderd worden. De beslissing van de vergadering kan dan zijn: de leerling wordt afgewezen òf de leerling moet één (of meer) herexamen(s) afleggen om nog bevorderd te kunnen worden.
Herexamens
Een herexamen kan worden opgelegd als:
- Een leerling volgens de normen hiervoor in aanmerking komt;
- Één of meer cijfers voor een vak ontbreken;
- Er sprake is van zeer bijzondere omstandigheden. De vergadering stelt de te bestuderen stof, de wijze van toetsing én het minimaal te behalen resultaat vast. Als dit resultaat wordt behaald, kan de leerling alsnog worden bevorderd.
Beroepencommissie
Ouders kunnen schriftelijk in beroep gaan tegen het besluit van de rapportvergadering bij de rector van de school. Deze legt het beroep voor aan de commissie ter beoordeling van beroepen. Deze commissie is samengesteld uit 15 leden, waaronder 2 conrectoren, 2 coördinatoren en 1 decaan.
De commissie beoordeelt de argumenten, ingebracht door de ouders en overwegingen van de rapportvergadering. De commissie brengt advies uit aan de rector, die vervolgens beslist.